Mispelchutney


pulp die over is van mispelgelei

1 ui, fijn gesnipperd

4 teentjes look gesnipperd

1 centimeter gember, geschild en geraspt

1 chilipeper, fijn gesnipperd

2 appelen, geschild en in blokjes gesneden

2 eetlepels mosterdzaad

1 theelepel kurkuma

200 gram bruine suiker

200 ml ciderazijn

2 eetlepels zonnebloemolie

1 eetlepel zout

peper


Duw de pulp die je over hebt van mispelgelei te maken door een zeef, zodat alle pitjes, steeltjes en schillen achterblijven. Je houdt nu donkerbruine puree over.

Verwarm in een ruime pan de zonnebloemolie. Voeg de specerijen toe en bak deze een minuutje, tot de mosterdzaadjes gaan ploffen. Bak ze zeer kort aan. Voeg de ui, de knoflook, de gember en de  chilipeper toe en roerbak op een matig vuur gedurende een paar minuten.

Voeg de mispelpuree, de appelblokjes, bruine suiker,  ciderazijn en het zout toe. Roer door en laat gedurende 2 uur pruttelen op een matig vuur. Als de chutney te dik wordt, voeg je een scheutje water toe. 

Indien gewenst kan je de chutney mixen. Schep onmiddellijk in schone bokaaltjes en laat afkoelen op hun kop. Na een maand zijn de smaken goed ontwikkeld en is de chutney klaar om te eten.